Sinterklaas bestaat echt

Wat kunnen we als ouder genieten van de sprookjeswereld waarin kinderen vertoeven. Ze leven in een wereld van dieren, landschappen, helden en ook spoken en geesten. Dan komt de dag, ergens tussen 7 en 9 jaar dat we zeggen: ‘Sinterklaas bestaat niet hoor’ en impliciet lijken we te zeggen: ‘we hebben het je wijsgemaakt’.

Voor sommige kinderen lijkt een wereld in te storten, voor andere verloopt de kennisname van een ander wereldbeeld soepeler: ze weten het en tegelijk zetten nog de schoen klaar. We doen er graag aan mee. We zorgen voor het ritueel Sinterklaas, de sfeer en genieten van de verwachting en de blijheid.

Veel later verdwijnt dat allemaal. ‘Liever geen cadeaus, geef het geld zo, dan koop ik zelf wat ik wil’. En nog later zoeken we dan terug de romantiek: vakanties, sauna’s, films, muziek, liefdes. We zoeken een wereld waarin we warmte ervaren, een wereld die troost brengt; een poëtische sfeer om je in te koesteren en de harde wereld te vergeten.

Volgens mij bestaan die dingen dan ook allemaal echt. Een verhaal is echt, Sinterklaas is echt. Dat bestaan bevindt zich echter in een andere dimensie, deze van de innerlijke verbeelding, van de cultuur, van de rituelen en verhalen. Allemaal echt, alleen anders ‘echt’. Het is maar in welke wereld dat je graag leeft: in een poëtisch universum van kleuren, geluiden, gevoelens en verhalen. Of in een wereld van feiten, acties, fysica en chemie.

Een ‘onttoverde wereld’ noemen filosofen deze twee keuze. De ziel is er helemaal uit en daar worstelen we nogal eens mee als we last hebben van ‘moetens’, snel boodschappen doen, klussen klaren, onze dag rond krijgen, onze uren kloppen op het werk. In die wereld introduceren we onze kinderen als we zeggen: ‘Sinterklaas bestaat niet, hoor’. Wat bestaat zijn de feiten, je punten op school, je goed gedrag, je talent, deze maatschappij. Welkom in deze wereld kindjes.

Laten we evenveel bestaansrecht geven aan alles wat op Sinterklaas gelijkt. Laten we de uitdrukking ‘bestaat niet’ en ‘bestaat echt’ schrappen. Zo zal die kinderlijke ontwikkelingsfase een andere uitkomst hebben. In plaat van naïviteit naar realiteit, een en/en. Twee werelden naast elkaar en verstrengeld met elkaar. Laten we ook een rolmodel zijn van een dagelijks leven waarin er poëzie, verhaal, symboliek en deipere beelden aanwezig zijn.

‘Mama, is het waar dat Sinterklaas niet bestaat?’

‘Toch wel, hij is een heilig man die lang geleden geleefd heeft. Elk jaar vieren we hem op 6 december. Die mijnheer zag dat sommige arme kinderen geen speelgoed hadden. Hij deelde dan speelgoed uit. Elk jaar zorgen wij ervoor dat Sinterklaas jou iets brengt, als een manier om feest te vieren, en elk jaar vragen wij je om iets van je speelgoed weg te geven. Dan ben je zelf ook een beetje Sinterklaas.’

Een reactie plaatsen